Logo Utrecht University

Educational Database

Toetsvormen

01 October 2019

Toetsvormen

Er zijn verschillende toetsvormen. Welke je kiest is afhankelijk van het doel van de toets. Hieronder volgt een overzicht met een beschrijving van de toetsvormen met voor en nadelen van elke vorm.

De Mc- vraag is een gesloten vraag met 2 tot 6-keuze-vraag. De student kiest één van de opties. Het antwoord is goed of fout. Het goede antwoord staat vast en is objectief te beoordelen (softwarematig). Bij de beoordeling zelf komt geen docent meer aan te pas. Dat is immers gebeurd bij het formuleren van de vraag.

Voordelen

  • Geschikt bij kleine aantallen studenten (>60) en bij veel vragen in beperkte tijd;
  • Breed en dekkend toetsen op laag cognitief niveau (kennis en begrip van feiten, concepten, procedures);
  • Toepassen van kennis in nieuwe situaties (casusvragen);
  • Nakijktijd is beperkt.

Nadelen

  • Leesvaardigheid is van invloed;
  • Constructie van vragen is tijdrovend m.n. voor hoger orde-doelen;
  • Mc toetsen zet studenten aan tot reproductie, en ‘oppervlakkig’ leren;
  • Validiteit kan in het geding zijn. (Oplossing: Mc-vragen combineren met open vragen).

Lees hier meer over MC-toetsen maken.

Open-vragen kunnen varieren van gesloten (kort antwoord) tot vragen met een uitgebreid antwoord zoals een essay vraag. De beoordeling en interpretatie van het antwoord doet de docent. Om beoordelaarseffecten en interpretatieverschillen tussen beoordelaars te beperken is een antwoordmodel en/of beoordelingsvoorschrift nodig

Voordelen

  • Geschikt bij kleine aantallen studenten (< 60) en voor lager en hoger orde doelen;
  • Weinig vragen nodig om thematisch de diepte in te gaan;
  • Een breed scala aan typevragen kan (in samenhang) worden gesteld;
  • Open vragen zet studenten aan tot hoger orde leren, en het aanbrengen van samenhang in feiten, concepten en procedures;
  • Schrijf-, formuleer- en redeneervaardigheid kan worden getoetst.

Nadelen

  • Constructietijd van vragen is beperkend;
  • Opstellen van antwoordvoorschrift en instructie van beoordelaars kost tijd;
  • Afnametijd beperkt het aantal te stellen vragen;
  • Beoordeling kan verschillen op grond van handschrift, taal- en spelfouten etc.;
  • Beoordelaarseffecten/uniformiteit in beoordeling (betrouwbaarheid) staat onder druk bij grote groepen studenten en meerdere betrokken beoordelaars;
  • Nakijktijd is tijdrovend, resultaten zijn na enige tijd (max. 2 weken) pas beschikbaar.
Met digitaal toetsen verandert de omgeving waarbinnen toetsen worden gemaakt (itembanking), hoe ze worden samengesteld (toetsmatrijs als steekproef uit de itembank) en hoe ze worden afgenomen (on-line, in een toetszaal). Accent voor de docent gaat, in vergelijking met schriftelijke toetsen, meer naar het goed organiseren van de toetsing. Het faciliteren van de toetsafname, het zorgdragen van een goede itembank waaruit een standaard steekproef uit is te nemen volgens de toetsmatrijs.

Voordelen

  • Kent alle voordelen van Mc en open vragen;
  • Heeft de beschikking over een grote variatie aan gesloten vraagvormen die mogelijkheden biedt tot valide oordelen (conform toetsmatrijs);
  • Handschrift bij antwoorden op open vragen is geen probleem;
  • Beperkte nakijktijd in vergelijking met open vragen;
  • Verdelen van nakijkwerk open vragen is eenvoudig en goed te organiseren;
  • Analyse van de resultaten (ook van de open vragen) is snel beschikbaar.

Nadelen

  • Volgorde en presentatie van de vragen in de toets vraagt om extra aandacht;
  • Student kan het overzicht verliezen (terugbladeren, antwoord corrigeren);
  • Vraagt meer van de cursuscoördinator qua organisatie: het goed regelen van een toetszaal (beperkte capaciteit), klaar zetten van de toets, en overleg met de key-user van de faculteit;
  • Calamiteiten zoals verstoorde internetverbinding of stroomuitval, hebben een grote impact.
Het mondeling kent meerdere vormen, zoals het mondeling examen (verantwoording van een uitgevoerd project) en in combinatie met een praktijktoets (handelingsverantwoording). In beide gevallen gaat de docent in gesprek met de student. Zowel de vraag als de interpretatie van het antwoord, en de reactie daarop door een wedervraag maakt onderdeel uit van het beoordelingsgesprek

Voordelen

  • Is geschikt voor kleine groepen studenten, en alle doelniveaus;
  • Is een persoonlijk contactmoment met de docent;
  • Zet studenten aan tot diep leren (hoger orde doelen);
  • Verbale en presentatievaardigheid kan worden getoetst.

Nadelen

  • Stafcapaciteit is beperkend;
  • Beoordelaarsverschillen zijn groot in het verloop van het gesprek, de aard en inhoud van de vragen;
  • Voor belangrijke doelen/onderwijsonderdelen zijn twee beoordelaars gewenst (het 4-ogen-principe), om objectiviteit te kunnen borgen;
  • Het gespreksverloop is door de interactie niet goed voorspelbaar.
In de toetsing van vaardigheden wordt onderscheid gemaakt in toetsing achteraf (paper, thesis) en/of het proces (samenwerking, onderzoeksproces, reflectie). Hierbij vindt beoordeling plaats door directe observatie van de vaardigheid. Als instrument worden Rubrics (beoordelingslijst in matrixvorm) gebruikt. Criteria zijn naar niveau beschreven in zogenaamde prestatie-indicatoren. Onderscheid wordt gemaakt in analytische versus holistische rubrics, en taakspecifieke vs. generieke rubrics.

Holistische rubric
Complexe vaardigheden/competenties zijn integraal beschreven op een beperkt aantal hoofdcomponenten.

Analytische rubric
Vaardigheid is onderverdeeld in meerdere criteria, die afzonderlijk zijn te beoordelen naar een eenduidig beschreven prestatieniveau.

Taakspecifieke rubric
Voor beoordeling van specifieke vaardigheid in een bepaalde context.

Generieke rubric
Voor beoordeling van veelal context-onafhankelijke vaardigheidsontwikkeling over een langere periode.

Voordelen

  • Geschikt om hoger orde doelen te toetsen in het cognitief-, motorisch en affectief domein;
  • De analytische rubric geeft gedetailleerde formatieve feedback aan de student om het werk op een hoger niveau te kunnen brengen;
  • De analytische rubric geeft met name nieuwe/jonge docenten houvast bij het beoordelen;
  • De holistische rubric is snel in het gebruik;
  • Analytsche rubric kan worden ingezet als formatief toetsinstrument;
  • Holistische rubric kan gebruikt worden voor de eindbeoordeling (sumatief gebruik);
  • Bij gebruik ervan door de opleiding heen kan zo de ontwikkeling van de student inzichtelijk worden gemaakt.

Nadelen

  • De analytische rubric wordt door ervaren docenten ook wel gezien als afvinklijst, waarmee geen recht wordt gedaan aan integrale vaardigheid als geheel;
  • Het apart scoren per criterium kan er toe leiden dat de optelsom van de deelscores afwijkt van de overall indruk (criterium-validiteit);
  • De holistische rubric geeft minder expliciete aanwijzingen voor verbetering (minder geschikt voor formatieve feedback);
  • De holistische rubric is door interpretatieverschillen tussen docenten onderhevig aan subjectiviteit.

Klik hier voor het Overzicht toetsvormen als pdf.

Andere thema’s binnen toetsing zijn:

  • Toetsen en beoordelen van samenwerking;
  • Toetsen en beoordelen van reflectie;
  • Betrekken van studenten bij de beoordeling (peer- en self assessment).
Print

You are free to share and adapt, if you give appropriate credit and use it non-commercially. More on Creative Commons